Jan
van Ypelaer
, † <1373.
Zoon van
Peter Zebrechtsz van Ulvenhout
.
Er is een schepenakte van Ginneken van 11 nov. 1343, waarbij Jan van Ypelaer de hoeve te Galder, behoorende aan zijn vader Peter van Ypelaer, in erfpacht uitgeeft.
Jan van Ypelaer trouwde in 1359 met Oeda, nicht van Aleyt van Putten, vrouwe van Praet.
Jan van Ypelaer streed onder den Heer van Vorsselaer bij Baesweiler. Hij zegelde in 1378 met hetzelfde wapen als Zebrecht van Ypelaer in 1364. Dat kan deze Jan zijn - òf een gelijknamige neef.
Juffr. Oda van Ypelaer Petersdr. was in 1468 weduwe van Jo.r. Jan van Roede [= Jan Gijsbrechts van den Rode, bezitter van o.a. het Hooghuis en de hoeve ‘ten Rode’ aldaar, overl. 1448].
Zie: De Nederl. Leeuw 1939, vanaf kolom 544, De Nederl. Leeuw 1940, vanaf kolom 89, De Nederl. Leeuw 2018, vanf blz. 57.
×
±1359
Oda (Oede)
, † <3-1397.
Kinderen:
-
Alijt Jans van IJpelaer
, † >3-1414 .
×
<1398
Dirck Hendricksz de Borchgrave
, † >2-1418.
5 kind(eren)
-
Peter Jansz van Ypelaer
, † 1-2-1438 .
Peter van Ypelaer Jansz. trouwt in 1386 een Geertrude en wordt via haar beleend met een goed te Emmichhoven; hij wordt daarin opgevolgd door hun zoon Jan van Ypelaer.
Van Pieter van Ypelaer werd op 15-8-1409 vermeld dat hij beleend was met 1/8 van 2 tienden in Biervliet en Vriesland.
Pieter van Ypelaer is - na het overlijdens van zijn broer Jan - beleend op 1 juni 1424 met de helft van 1/8 van de 2 korentienden van Biervliet en Vriesland. De andere helft ging naar hun zus Katharina van Hambroek.
Juffr. Oda van Ypelaer Petersdr. was in 1468 weduwe van Jo.r. Jan van Roede.
Zij procedeerde (met succes) tegen haar stiefkinderen over de verdeling van de nalatenschap van Jan van den Rode.
×
1386
Geertrude (Geertruyt) van Oosterhout
.
Dochter van
Willem van Oosterhout
en
Sophien Willem Boudewijnszdr
.
Peter had dan kinderen Jan en Oda.
Peter van Ypelaer Jansz. was in 1386 gehuwd met Geertrude, natuurlijke dochter van de Heer van Oosterhout, en werd in 1395 beleend met 8 morgen land in het gerecht van Emmichoven, in welk leen hij na Geertrude’s dood werd opgevolgd door hun zoon Jan van Ypelaer. Dit Lecksche leen ging in 1462 over aan Adriaen van Emmichoven Jansz.
Belening met 8 morgen land in het Land van Altena, geheel genaamd In de Coppel:
Op 31-10-1386: Geertruida, natuurlijke dochter van Willem, heer van Oosterhout, en Sofia, dochter van Michiel Boudijsnz., bij overdracht door Godelt, dochter van Jan van Drimmelen, nicht van de leenheer, gehuwd met Jan van Gistel, eventueel te komen op Gijsbert, natuurlijke zoon van de heer van Oosterhout bij Christina, dochter van Willem Woutersz., met lijftocht van Willem, heer van Oosterhout, en Heilwig van Wassenaar, diens vrouw.
In 1395: Pieter van Ypelaar Jansz. voor Geertruida, vrouwe van Oosterhout, zijn vrouw, met ledige hand.
In 14..: Jan van Ypelaar bij dode van Pieter, zijn vader.
Op 22-7-1446: Adriaan van Emmikhoven, ridder, zoals Jan van Ypelaar.
2 kind(eren)
-
Jan van Ypelaer
, † <6-1424 .
-
Katharina van Ypelaer
, † >8-1439 .
Rond 1397 werd Pieter van Hambroek - uit naam van zijn vrouw - beleend met 1/8 van 2 korentienden van Biervliet en Vrieslant.
Katharina van Hambroek werd op 1 juni 1424 beleend met de helft van 1/8 van 2 korentienden van Biervliet en Vriesland - na het overlijden van haar broer Jan.
In 1436 werd betaald in Breda (betr. lijfrenten) aan joncfrou Kathelijn Petersweduwe van Hambroeck van een termijn zowel op St. Jansdag 1437 als op Kerstavond 1437: elk 1½ nobel.
Joffr. Katelina van Ypelaer, weduwe van Peter van Hambroeck, wonende te Breda, deed in 1439 afstand van een deel eener rente, welke zij te vorderen had van de stad Geertruidenberg. Dedesbetreffende brief werd op verzoek, zijner moei mede bezegeld door haren neef Jan van Ypelaer.
×
Peter van Hambroek
, † <1437.
Op 2-4-1413 werd vermeld dat Pieter van Hambroek en zijn vrouw beleend waren met 1/8 van 2 tienden in Biervliet en Vriesland.