Johan
(Jan)
Eckelboom
, † ±1584.
Zoon van
Engbert Roberts Raebe
en
Femme Henricks Eckelboom
.
Afb. Kampen rond 1560
Karveelschipper Johan Eckelboom.
Kampen, 13 dec. 1556:
Jacob[v] Isebrantsz getuigt dat zij in de afgelopen week Jan Eckelboem heeft helpen verhuizen en daarna is Evert Baers getuige tegen gekomen en vroeg haar waarom men had goedgevonden dat zij de getuigenis hielp ondersteunen. Hij ging daarna naar het huis van Johan Eckelboem naar Armgart, de zuster van Johan, om te vragen wie haar zo flink gemaakt had om de getuigenis te steunen, volgens haar was dat haar broer Jan. Volgens Evert moesten degenen die de getuigenis ondersteund hebben, daarvoor boeten. Armgart antwoordde dat Evert gelijk had. Toen greep hij haar bij het hoofd en gooide haar op de grond. Hij trok zijn mes en stak naar haar; hij zou haar ook over de straat geslagen hebben, als men de deur niet dicht had gehouden.
Griete Joachyms getuigt dat Evert Baers de afgelopen week bij Jan Eckelboem is gekomen om aan Armgart Eckelboem te vragen wie haar zo ver had gekregen dat zij de getuigenis ondersteunde; dat was haar broer Jan. Evert zei daarop dat de Raad het had moeten toestaan en dat iedereen boete moest betalen. Toen heeft Evert haar het huis in gedragen waar hij dacht dat zij woonde, greep haar bij het hoofd en sloeg haar met zijn vuisten. Hij trok zijn mes en stak haar drie maal. Als Jacob Isebrant hem niet had tegengehouden, had hij het hoofd van Armgart gespleten. Hij zou haar ook buiten gevolgd hebben, hakte in de deur maar deze werd op last van Jacob gesloten. Evert bleef in het huis.
×
Kampen ±1556
Dorothea Henrix Baers
, † ±3-1557.
Kampen, 2-11-1556: Grietgen Bogemaecker, vroedvrouw, getuigt dat zij afgelopen zaterdag geroepen werd bij Dorenthia, de zuster van Theus Baers, die aan het bevallen was; het kind werd dood geboren en getuige kon geen sporen van geweld of van slaan vinden, het was Gods beslissing, zoals ook bij andere vrouwen gebeurde, hoewel de ouders altijd zeer lijfelijk met elkaar omgingen.
Kampen, 15-3-1561:
- Berent Arentszen, gedaagd door Evert Baers, getuigt dat hij ongeveer 4½ jaar geleden gezien heeft, toen hij bij wijlen Theus Baers woonde, dat ’s avonds tussen 8 en 9 uur toen het donker was, wijlen Dorothea, de vrouw van Jan Eckelboem, bij Theus kwam, geheel van streek; zij werd door Anna, de vrouw van Theus, daar op bed gelegd en de volgende dag ging zij naar haar broer Evert Baers, waar zij haar kind kreeg. Zij lag daar bij haar broer wel 16 weken, als hij het goed onthouden heeft. Zij was erg ziek en Evert deed veel voor haar. Zij is er ook gestorven.
- Anna, de weduwe van Theus Baers, gedaagd door Evert Baers, getuigt dat zij na haar bevalling onder ede zal bevestigen, dat 4½ jaar geleden, als zij het goed onthouden heeft, zij ’s avonds tussen 8 en 9 uur wijlen Dorothea, de vrouw van Jan Eckelboem, bij haar voordeur zag zitten en haar vroeg wat er aan de hand was. Dorothea antwoordde dat Jan haar wilde slaan. Anna vroeg haar naar binnen en stelde voor dat zij die nacht bij haar bleef slapen, want haar broer Theus was toch niet thuis. Getuige
schonk haar wat bier en bleef bij haar slapen. De volgende dag ging Dorothea naar haar broer Evert Baers, waar zij na drie dagen beviel van een dood kind. Evert hield haar lang bij zich in huis en zorgde voor haar, hoe lang weet getuige niet meer.
Kampen, 11.12.1561: Anthoenis van Neerden en Louwe Vranckensz, gedaagd door Evert Baers, getuigen dat ze aanwezig zijn geweest toen het huwelijk tussen Jan Eckelboem en Dorothea Henrix voorbereid werd, volgens getuigen in 1556. Er werd indertijd het volgende afgesproken:
ten eerste dat Evert wijlen zijn zuster Dorothea bij de huwelijkse voorwaarden 80 gulden courant zou geven;
ten tweede beloofde hij zijn zuster aan kleinodiën en huisraad een bedrag van 20 k.g. te geven en ten derde een “vrije” bruiloft voor al zoveel mensen als er in zijn huis konden zitten.
Er werd ook afgesproken dat de bruidegom aan de bruid een nieuwe tabbert zou geven en dit wel direct, want zij was een bestorven dochter.
Evert beloofde ook zijn zuster te kleden zoals een burgerdochter betaamt. Toen alle afspraken waren gemaakt, zei de moeder van Jan Eckelboem dat haar zoon ziek was geweest en een ‘scheepsdag’ heeft moeten betalen, zodat hij geen geld heeft, alles wat hij had is naar het schip gegaan. Hij zal niet meer schuld hebben dan nodig is voor het maken van zijn kleren.
×
<7-1569
Aeltgen Jans
, † >9-1605.
Kinderen:
-
Johan Jansz Eckelboom
, * ±1571
, † 24-11-1636 , [] Kampen .
Jan Eckelboom sr. huwde Stijntgen Gerrits en had kinderen Thijmetje, Lijsbeth, Eefse, Gerrit, Grietje.
Jan Stavensz. van Lutteren huwde vóór 1632 met Margaretha ("Greete") Jans Eckelboom. Jan was in 1631 aangesteld tot stalmeester der stad Kampen. In deze functie werd hij later opgevolgd door zijn zoon Caspar van Lutteren.
Gerrit Eijckelboom en Hendrickjen Cornelis lieten in Kampen op 11-4-1651 een dochter Christijna dopen.
-
Engbert Jansz Eckelboom
.
×
Alijt Helmichs
.
3 kind(eren)
-
Herman Jansz Eckelboom
, † <1631 .
Herman huwde Cunne Claesen en had kinderen Jan en Claesje.
-
Henrick Jans Eckelboom
.
Veerschipper Henrick Jans Eckelboom trouwde in Kampen
1.) op 13 jan. 1609 Aeltgen Jans Cloeck;
2.) op 7 aug. 1614 Machtelt Jacobs. Kinderen: Jan, Jacob, Engbert, Herman, Grietien.